Wist hij slechts drie weken geleden nog vriend en vijand te verbazen door de T100 London te winnen – Hayden Wilde was na een heftig ongeval namelijk pas nét terug van een zwaar herstel – heeft de Nieuw-Zeelander zojuist ook meteen zijn tweede wedstrijd gewonnen. Wilde zegevierde bij de T100 French Riviera en zal nu vooral snel moeten rusten, want morgen komt hij alweer in actie tijdens de WTCS op dezelfde locatie.

Het is een bijna krankzinnige dubbel en daarom was het aan Wilde te zien dat hij niet eens honderd procent ging om de overwinning veilig te stellen. De Nieuw-Zeelander racete overduidelijk met het koppie en deed puur en alleen wat nodig was om grote namen als Jelle Geens, Samuel Dickinson en Rico Bogen voor te blijven.

Tijdens het zwemmen was het nog de Amerikaan Morgan Pearson die het veld aanvoerde; hij kwam na 24:47 minuut terug van zijn 2 kilometer in de Middellandse Zee, maar eigenlijk alle grote namen zaten toen bij elkaar. Ook de Nederlander Menno Koolhaas wist zich in deze openingsfase mooi van voren te nestelen. Slechts drie atleten – Harry Palmer (+2:08), Colin Szuch (+4:37) en Sam Long (+4:37) – verloren de aansluiting. Op de fiets was het vervolgens Dickinson die als eerste het initiatief nam en het veld uit elkaar trok.

Toch waren het al snel Mathis Margirier en ook Bogen die de leiding overnamen en al in de eerste kilometers ontstond een kopgroep met naast Margirier, Bogen en Dickinson ook Geens, Wilde en Kyle Smith. Het leverde prachtige beelden op het eveneens prachtige fietsparcours langs de Franse kust op, terwijl Smith de eerste van het zestal was die ongeveer halverwege het fietsonderdeel de aansluiting verloor. Reden: een technisch mankement, want met een loszittend zadel kon hij niet anders dan stoppen om dat probleem te verhelpen. Atleten moesten op het technische fietsparcours constant alert zijn, bleek wel toen – iets meer van achteren – Leo Bergere bijna uit de bocht vloog en zich op het nippertje kon herstellen.

Een paar kilometer later waren het Bogen en Wilde die een move maakten en de andere koplopers achter zich lieten. Toch werd hun voorsprong niet echt groot, want eenmaal terug in T2 volgde Margirier op 30 seconden, Dickinson op 38 seconden en ook Geens kwam binnen de veertig seconden terug. Duidelijk was wel dat Wilde zich in een perfecte uitgangspositie bevond. Voor Koolhaas was het lastiger; hij kende een zwaar fietsonderdeel, keerde als dertiende terug in T2 en had toen een achterstand van 6:12 minuut.

Tijdens de run liet Wilde geen kans onbenut om Bogen achter zich te laten; iets dat hij al in de eerste meters deed. Bogen zag ook al snel eerst Geens en daarna Dickinson voorbij komen. Vervolgens ontstond een situatie waarbij Wilde en Geens in eerste en tweede positie liepen, waarbij het verschil tussen de mannen steeds rond de vijftig seconden schommelde.

Wilde keek vooral veel op zijn horloge en liep ogenschijnlijk relaxed, precies het tempo dat nodig was om het gat even groot te houden. Tot de laatste kilometer, toen Geens in een soort alles of niets poging een prachtige versnelling plaatste om het gat naar voren toch nog te dichten. Wilde zag het gebeuren, keek een paar keer over zijn schouder, maar liep vervolgens zwaaiend naar het publiek naar een volgende overwinning.

Wilde won de wedstrijd in een tijd van 3:12:23, Geens werd tweede in 3:12:45 en Dickinson derde in 3:14:07. Koolhaas won nog wat posities tijdens het lopen en werd tiende in 3:19:54.